Europese toezichthouders zouden los van e-privacywet willen beginnen met geautomatiseerde controles op cookies en tracking

Volgens de Duitse site Golem willen Europese toezichthouders vooruitlopend op de e-privacywet binnenkort op basis van de AVG al handhavend gaan optreden tegen bedrijven die zich niet houden aan bestaande regels voor cookies en tracking.

Europese toezichthouders, zoals de Autoriteit Persoonsgegevens (AP) in Nederland, zijn volgens Golem van plan in november in onderling overleg een besluit te nemen over controles op naleving van de cookieregelgeving.

Golem baseert deze conclusie op informatie van de toezichthouders in de Duitse deelstaten Beieren en Niedersachsen en het Duitse ministerie van Economische zaken.

Handhaving cookieregels kan ook zonder e-privacywet al op basis AVG

De toezichthouders zouden in onderling overleg hebben vastgesteld dat zij op basis van de AVG nu al de mogelijkheid hebben om te handhaven. Ook zonder de e-privacywet.

In november vindt er weer gezamenlijk overleg van de Europese toezichthouders plaats. Dan zou dit punt op de agenda staan.

De Autoriteit Persoonsgegevens van de Duitse deelstaat Beieren (Bayerisches Landesamt für Datenschutzaufsicht) gaf volgens Golem in april 2018 al aan dat het gebruik wil maken van geautomatiseerde opvragingen van internetpagina’s om te controleren of de dienstverleners daadwerkelijk toestemming van de gebruikers krijgen. Tot op heden is dat nog niet gebeurd.

Politiek en ondernemers zijn de regie kwijt

Als de toezichthouders inderdaad vooruitlopend op de e-privacywet al willen gaan handhaven is dat een fikse streep door de rekening voor veel politici en bedrijven. Ze zijn de regie kwijt.

De ontwikkeling lijkt haaks te staan op de opdracht die het kabinet van een meerderheid van de Tweede Kamer heeft gekregen na een motie van regeringspartij VVD.

Het kabinet moet de bureaucratische impact van de beoogde nieuwe Europese e-privacyregels op het bedrijfsleven nog eens onderzoeken.

Negatieve economische effecten e-privacywet

Ondernemersorganisaties in heel Europa waarschuwen al maandenlang voor negatieve effecten van de wet. Ondernemers worstelen nu al met de AVG.

En de ondernemers vrezen dat de Europese privacytrein doordendert zonder rekening te houden met de belangen van bedrijven en de impact op de economie.

De Europese toezichthouders geven nu eigenlijk aan dat zij ook zonder de e-privacywet al kunnen optreden. Dat kan op basis van de Telecomwet waarin al veel zaken zijn vastgelegd die ook in de e-privacywet zouden moeten komen.

Waarom moet er dan een nieuwe wet komen?, kun je je afvragen.

De e-privacyverordening (ePV) heet voluit: “Verordening van het Europees Parlement en de Raad met betrekking tot de eerbiediging van het privéleven en de bescherming van persoonsgegevens in elektronische communicatie, en tot intrekking van Richtlijn 2002/58/EG (richtlijn betreffende privacy en elektronische communicatie)”.

Het is een Europese verordening die de e-privacyrichtlijn (Richtlijn 2002/58/EG) moet vervangen, omdat zij beter zou zijn afgestemd op de nieuwe technologische realiteit.

De aanpassingen omvatten onder andere verbetering van de beveiliging en vertrouwelijkheid van communicatie, het definiëren van duidelijkere regels over volgtechnologieën zoals cookies en meer harmonisatie tussen de lidstaten.

E-privacywet krijgt voorrang boven AVG

De e-privacyverordening is bedoeld als zogenaamde lex specialis bij de AVG. Een lex specialis (Latijn voor bijzondere wetgeving) is een wet, die voorrang krijgt boven de algemene wetgeving (de lex generalis). 

De e-privacyverordening geeft meer invulling aan de algemene AVG regels door ze toe te passen en te specificeren als het specifiek gaat om elektronische communicatiegegevens die als persoonsgegevens worden aangemerkt. 

Trackingtechnologie en direct marketing

De nieuwe e-privacyverordening richt zich op bedrijven die online communiceren, gebruik maken van tracking technologieën en direct marketing.

Het startpunt is de AVG, maar in de specifieke gevallen waarin een organisatie te maken heeft met elektronische communicatiegegevens zal de e-privacyverordening leidend zijn.

E-privacywet had eigenlijk tegelijk met AVG van kracht moeten worden

Eigenlijk had de E-privacywet in mei 2018 in werking moeten treden op hetzelfde tijdstip als de Algemene Verordening Gegevensbescherming.

Maar tot op heden zijn de EU-lidstaten het nog steeds niet eens kunnen worden over een gemeenschappelijk standpunt.

Volgens de toezichthouders moet daarom worden voldaan aan de eisen van de AVG en niet langer aan de bepalingen van de Telecomwet, waar de cookierichtlijn nu bijvoorbeeld nog onder valt.

Bedrijven vrezen hoog inkomstenverlies

Internetbedrijven in heel Europa lobbyen al maandenlang tegen de plannen.

Mediabedrijven vrezen dat de reclame-inkomsten sterk zullen dalen omdat gepersonaliseerde reclame bemoeilijkt zal worden door de verplichting om goedkeuring te verkrijgen voor het volgen (tracking) van website bezoekers.

Als tracking moeilijker wordt wordt het voor ondernemers moeilijker om doelgroepen efficient en effectief te bereiken. Zij realiseren dan minder omzet. En omdat de online reclame minder goed werkt zullen ze minder gaan adverteren, is de verwachting.

‘Alleen mediabedrijven met inlogmodel hebben nog bestaansrecht’

Mediabedrijven gaan ervan uit dat alleen aanbieders met inlogmodellen na invoering van de e-privacyregels nog een kans hebben op de reclamemarkt.

De lobby van bedrijven in heel Europa tegen de e-privacywet lijkt effect te hebben. Het Nederlandse kabinet heeft dus opdracht gekregen er nog eens goed naar te kijken.

Dat is ook in Duitsland gebeurd, waar grote uitgevers als Axel Springer en Bertelsmann veel invloed hebben op de politiek.

Politiek kan zich in verband met regionale, nationale en Europese verkiezingen geen conflict met media en bedrijfsleven veroorloven

De regeringspartijen CDU/CSU en SPD kunnen zich gelet op de wankelijke positie waarin zij op basis van polls en aardverschuivingen na de recente verkiezingen in Beieren geen conflict met de media, bedrijfsleven en publiek veroorloven.

Brussel is niet populair. De negatieve reacties op de Algemene Verordening Gegevensbescherming zeggen voldoende.

De Duitse regering verwerpt de huidige voorstellen van het Europees Parlement en de Europese Commissie. Nederland heroverweegt de voorstellen.

De e-privacywet wordt waarschijnlijk over de Europese verkiezingen heen getild

De e-privacyverordening had aanvankelijk dus tegelijk met de AVG op 25 mei 2018 moeten worden gelanceerd. Daarna werd gezegd dat het iets later zou worden. Uiterlijk eind dit jaar. Dat gaat zeker ook niet lukken.

Gelet op de problemen rond Brexit en de politieke onrust in bijna alle Europese landen willen veel politici er niet nog een hete aardappel bij hebben.

Volgend jaar Europese verkiezingen

Bovendien komen er volgend jaar Europese verkiezingen aan. De verwachting is dan ook dat een definitief besluit over de e-privacywet wordt door geschoven tot na de Europese verkiezingen.

Daar lijken de Europese toezichthouders dus niet op te willen wachten.

Federale overkoepelende Autoriteit Persoonsgegevens van Duitsland grijpt in bij naambordjes affaire

De hoogste Duitse commissaris voor gegevensbescherming, Andrea Voßhoff, heeft resoluut ingegrepen in de naambordjes discussie die in Duitsland en Oostenrijk al ruim een week voor vette koppen in de media zorgt.

Commissaris Voßhoff adviseert alle ondernemers, instellingen en verenigingen om bij AVG-maatregelen die uitgebreide impact hebben vooraf contact op te nemen met de Autoriteit Persoonsgegevens en advies te vragen.

De hoogste Duitse toezichthouder doet overduidelijk een poging om in de nabije toekomst onnodige imagoschade voor de Europese privacywet te voorkomen. Daarover verderop in dit artikel meer.

Discussie naambordjes beeindigd

Voßhoff maakt in ieder geval klip en klaar duidelijk dat de AVG discussie over naambordjes beeindigd kan worden. De naambordjes op centrale belborden in de hal van flatgebouwen en appartementencomplexen vallen definitief niet onder de Algemene Verordening Gegevensbescherming.

Verhuurders hoeven niets te doen. Dus ook geen toestemming vragen, zoals de toezichthouder in Thüringen adviseerde.

Voßhoff schrijft dat in een verklaring op de website van de federale Duitse toezichthouder BfDI.

Andrea Astrid Voßhoff (geboren 31 juli 1958 in de Duitse plaats Haren (Ems), district Meppen, vlakbij Ter Apel) is een Duits politicus (CDU). Ze was lid van de Duitse Bondsdag van 1998 tot 2013 en is sinds 4 februari 2014 federaal commissaris voor gegevensbescherming en vrijheid van informatie (BfDI). Bron: Wikipedia.

De Europese betekenis van de AVG-naambordjes discussie in Duitsland en Oostenrijk

De Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) is een Europese privacywet.

De privacyregels zouden sinds 25 mei 2018 in heel Europa identiek moeten zijn.

Maar zo eenvoudig is het in de praktijk niet. De regels kunnen op verschillende manieren worden uitgelegd. Er ontbreekt bovendien nog jurisprudentie over de jonge wet.

Verwarring, onrust en ophef die niet goed is voor de AVG

Dat zorgt voor verwarring, onrust en ophef die niet goed is voor de Algemene Verordening Gegevensbescherming en de diverse toezichthouders in Europa.

De AVG naambordjesdiscussie in Duitsland en Oostenrijk is daar een goed voorbeeld van. De discussie begon in Oostenrijk en sloeg al snel over naar Duitsland.

Waar ging het ook alweer over?

Een huurder in Wenen diende bij de gemeentelijkwoningcorporatie een klacht in omdat zijn naam op het centrale belbord in de hal van een flat was aangebracht. De huurder zag dit als een schending van de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG).

De huurder kreeg gelijk van de gemeentelijke Functionaris Gegevensbescherming. Vervolgens besloot de woningcorporatie om 200.000 naambordjes in alle gemeentelijke gebouwen in Wenen verwijderen.

Tegenstrijdige AVG adviezen

De zaak zorgde voor grote ophef in Oostenrijk en al snel ook in Duitsland. Diverse privacydeskundigen en toezichthouders gaven in de media tegenstrijdige adviezen af. De verwarring over de interpretatie van de AVG was groot.

De Autoriteit Persoonsgegevens van de Duitse deelstaat Beieren reageerde hevig geirriteerd over de ophef en sprak van een moedwillige poging van tegenstanders van de privacywet om de AVG met onzin in diskrediet te brengen.

Zijn collega in de Duitse deelstaat Thüringen liet in een officiele persverklaring echter weten dat de verhuirders wel schriftelijk toestemming voor de naambordjes moesten vragen bij de huurders.

Wie heeft er gelijk?

Twee toezichthouders die geacht worden de Algemene Verordening Gegevensbescherming als geen ander te kennen geven verschillende adviezen over dezelfde regels.

In Duitsland zijn er 18 toezichthouders. Iedere deelstaat heeft een eigen Autoriteit Persoonsgegevens.

Daarnaast is er nog een overkoepelende federale Autoriteit Persoonsgegevens. Deze hoogste Duitse commissaris voor gegevensbescherming, Andrea Voßhoff, heeft nu resoluut ingegrepen.

Voßhoff geeft op de website van de Duitse federale toezichthouder DfBI gedetailleerd uitleg waarom de AVG bij de belborden niet van toepassing is:

Geen automatische verwerking

“Het plaatsen van naambordjes op centrale belborden is op zich geen geautomatiseerde verwerking, noch een feitelijke of beoogde opslag in bestandssystemen. In zoverre is het toepassingsgebied van het AVG krachtens artikel 2, lid 1, van de AVG in het algemeen niet eens opengesteld voor dergelijke zaken.”

“Zelfs als de AVG van toepassing zou zijn, zou artikel 6, lid 1, onder f), van de AVG (afweging van belangen) als rechtsgrondslag kunnen worden beschouwd naast de toestemming. In bijzondere gevallen zou de huurder dan het recht hebben om op grond van artikel 21 AVG bezwaar te maken tegen de verwerking. De AVG biedt verschillende rechtsgrondslagen voor gegevensverwerking, die ook moeten worden gebruikt.”

Hoe zit het met digitale naamborden?

Einde discussie over de naambordjes dus?
Nee, toch noch niet helemaal. Hoe zit het met Digitale naamborden?

Als er persoonlijke gegevens (bijv. voornaam, achternaam) op een elektronisch scherm worden weergegeven, is dit elektronische gegevensverwerking en is dit onderworpen aan de AVG.

Europese toezichthouders melden record aantallen klachten over inbreuken op privacyregels

Europese toezichthouders melden een forse toename van klachten over schending van privacyregels.

De Europese gegevensbeschermingsautoriteiten zeggen momenteel meer dan 200 grensoverschrijdende klachten in behandeling te hebben. De toezichthouders werken nauw samen bij de behandeling van deze klachten.

Er wordt momenteel aan een aantal nieuwe gedragscodes gewerkt voor specifieke technische gebieden als medisch onderzoek en cloudinfrastructuur.

Nieuwe biometrische standaardverordening

Daarnaast wordt er volgens de Franse toezichthouder CNIL sinds 3 september ook aan een aantal nieuwe richtlijnen gewerkt, waaronder een biometrische standaardverordening.

Recordaantal privacyklachten in Frankrijk

De Franse toezichthouder CNIL meldt dat het sinds 25 mei, toen de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) in werking trad, 3.767 klachten heeft ontvangen. In dezelfde periode vorig jaar werde er 2.294 klachten ingediend in Frankrijk en dat was volgens CNIL al een record.

Verdubbeling van privacy klachten in Groot-Brittanie

Uit de gegevens van de Britse toezichthouder ICO (Information Commissioner’s Office) bleek in augustus 2018 ook een sterke stijging van het aantal klachten. De Britten registreerden tussen 25 mei en 3 juli 6.281 klachten. Meer dan het dubbele van de 2.417 klachten die in dezelfde periode in 2017 werden ingediend.

Forse groei klachten in Ierland

The Irish Times meldde eind juli 2018 soortgelijke stijgingen van ingediende klachten in Ierland. De Ierse Commissie voor Gegevensbescherming zou twee maanden na invoering van de AVG al 1.184 meldingen van inbreuken op privacyregels hebben ontvangen. – een aanzienlijke stijging ten opzichte van het gemiddelde van 230 meldingen per maand in 2017. De DPC heeft in de eerste twee maanden van de GPDR ook 743 klachten geregistreerd, waarbij de verordening naar verluidt in 267 gevallen van toepassing is.

Collectieve klachten in Frankrijk

De Franse toezichthouder CNIL ontvangt niet alleen recordaantallen klachten over de bescherming van de persoonlijke levenssfeer van individuele personen, maar merkt ook op dat twee organisaties namens consumenten klachten hebben ingediend op basis van de “collectieve verhaalsmogelijkheid” die voor de AVG in sommige EU-landen is ingevoerd.

De twee organisaties die namens consumenten in Frankrijk klachten indienen zijn Max Schrems’ privacy NGO, noyb en de Franse digitale rechtengroep La Quadrature du Net, die volgens CNIL klachten heeft ingediend tegen Google, Amazon, Facebook, LinkedIn en Apple.