Duitse toezichthouders spreken elkaar tegen over naambordjes. Toch wel AVG kwestie?

De staatscommissaris voor gegevensbescherming (TLfDI) in de Duitse deelstaat Thüringen, Dr. Lutz Hasse, zegt dat naambordjes in flats wel degelijk onder de AVG vallen. Daarmee weerspreekt hij zijn collega in Beieren die de hele discussie en ophef over de naambordjes en de AVG “onzin” noemde.

Volgens de Beierse toezichthouder hebben de naambordjes niets van doen met een geautomatiseerd proces en vallen ze daarom niet onder de AVG. Punt. Einde discussie zou je dan denken.

Maar de toezichthouder in Thüringen zegt dat overeenkomstig artikel 2, lid 1, de wet ook van toepassing is op de niet-geautomatiseerde verwerking van persoonsgegevens die in een bestandssysteem zijn of worden opgeslagen.

Waar draait deze kwestie om? In Duitse en Oostenrijkse media ontstond de afgelopen week veel ophef over het besluit van een woningcorporatie in Wenen om ruim 200.000 naambordjes in portieken van flats en appartementen te verwijderen vanwege de AVG. Op social media werd al snel over de idioterie van de Europese privacywet geschreven.

.
“De vraag is of de naambordjes onderdeel zijn van een bestand”, zegt Dr. Lutz Hasse. En volgens hem is dat zeer waarschijnlijk het geval als de bordjes door de verhuurder worden geplaatst.

Die moet dan immers een planning maken voor het plaatsen, opdracht geven voor het maken van de bordjes en namenlijsten maken voor de huismeester die de bordjes moet plaatsen.

Kortom, de bordjes zijn volgens dr. Lutz wel onderdeel van een bestand.

Moeten alle naambordjes dan toch verwijderd worden?

Dr. Lutz: “Nee, nee, nee!”

Mooi, toch niets aan de hand, denk je dan. Inderdaad ophef om niets. De toezichthouder in Beieren heeft gelijk. Maar helaas… Dr. Lutz zorgt er vervolgens voor dat de naambordjes toch nog voor administratieve AVG-rompslomp kunnen gaan zorgen.

Er moet wel toestemming gevraagd worden

“Plaatsing van de naambordjes is toegestaan indien de betrokkene daarmee heeft ingestemd, instemt met het oog op de toekomst of indien er een andere rechtsgrondslag is (artikel 6, lid 1, AVG)”, zegt dr. Lutz meteen na zijn driewerf nee.

Kortom: volgens de toezichthouder van Thüringen moeten verhuurders al hun huurders nog schriftelijk om toestemming vragen voor de naambordjes.

Hoe kunnen verhuurders aan de AVG voldoen?

Er zijn volgens dr. Lutz onder andere de volgende mogelijkheden om namen op belplaten en brievenbussen op een wettelijk verantwoorde wijze te publiceren:

“De DS-GVO (Duitse afkorting voor de AVG) zorgt voor informatieve zelfbeschikking en biedt ook passende oplossingen voor de Klingelschilder-zaak”, zegt Dr. Lutz Hasse. Hij besluit zijn uitleg opmerkelijk vrolijk met: “en ik ben blij dat de AVG bestaat!”

De verschillen in interpretatie van dezelfde Europese wet door verschillende toezichthouders bewerkstelligt dat waar de Beierse Autoriteit Persoonsgegevens juist voor vreest. Er ontstaat negatieve publiciteit en ophef. Er is veel onduidelijkheid. Daardoor onzekerheid. En daardoor kunnen tegenstanders de Europese privacywet eenvoudig in een kwaad daglicht plaatsen.

Teveel interpretaties mogelijk met de AVG

Er zijn teveel interpretaties mogelijk. Iedere nationale toezichthouder wil zijn eigen stempel drukken. In ieder land spelen andere invalshoeken.

In sommige landen, zoals Duitsland en Frankrijk zijn er naast een nationale Autoriteit Persoonsgegevens ook nog verschillende regionale toezichthouders. In Duitsland zijn er in totaal 18 toezichthouders. Iedere deelstaat heeft een eigen toezichthouder en een eigen site. Dat is vragen om problemen en kritiek.